enveloppe zoeken

Orakels

Veel mensen zoeken het mysterie van het leven buiten zichzelf. Ze denken dat een relikwie, een heilig boek of een ufo hogere machten zijn. De waarheid is echter dat wat mensen buiten zichzelf zoeken, in de mens zelf zit. Alle antwoorden, vertrouwen, liefde en kracht zitten in jezelf. De orakels moet je zien als een gereedschap om je onderbewuste naar de oppervlakte te brengen. En omdat het orakel een hulpmiddel is, werkt het ook met de computer. Essentieel bij het aanboren van het mysterie is dat je moet geloven in het ritueel, maar vergeet ook nooit dat het ritueel op zichzelf een illusie is. Het geloof in het ritueel opent een kanaal met je ware zelf en met het Universum. Je bent zelf het orakel!

De weg van de Held

Ieder van ons heeft de diepgewortelde drang tot een volwaardig individu uit te groeien. Telkens weer steekt die drang de kop op, stimuleert, zet tot actie aan, brengt ons op nieuwe paden en stelt ons voor zware keuzen. Door die nimmer versagende drang zijn we in staat voort te blijven gaan en niet vast te roesten in het bekende. Vaak zetten we onder invloed daarvan stappen die aanvankelijk moeilijk lijken of onzekerheid brengen, maar die achteraf belangrijke wendingen in ons leven blijken te zijn.

Ontdekking van onze drijfveren: kaarten 0 - 5

De drang van zelfontplooiing wordt gesymboliseerd door kaart 0: de Dwaas. Hij is het absolute begin van alles, nog voordat er iets tastbaar is geworden. Daar waar we de Dwaas in de legging zien vallen, kan een doorbraak liggen die aanvoelt als een sprong in het onbekende. Daar ligt echter ook een groot groeipotentieel.

Hemel en aarde, dag en nacht, mannelijk en vrouwelijk, het zijn allemaal uitingsvormen van de oerpolariteit die in het oosten Yang en Yin wordt genoemd. Onder het Yang- of het mannelijke principe vallen het actieve beginsel, het scheppend vermogen, het daggedeelte van het etmaal, terwijl het passieve principe, het ontvankelijke, het vermogen creatief om te gaan met wat op je pad komt, en het nachtgedeelte van het etmaal onder het Yin- of vrouwelijke principe vallen. Aan de Tarot ligt de onderliggende wisselwerking van Yin en Yang ten grondslag.

Deze principes komen heel nadrukkelijk in de kaarten 1 tot en met 4 tot uitdrukking: Yang in de kaarten de Magiër en de Keizer, en Yin in de Hogepriesteres en de Keizerin.

Van het mannelijke principe geeft de Magiër vooral de (innerlijk) actieve facetten van het stellen van innerlijke doelen aan. De Keizer als mannelijk principe drukt vooral de drang tot ordenen en aanbrengen van structuur uit; hij past activiteiten bij voorkeur in een maatschappelijk geordend kader in.

Bij de Magiër is er een zichtbaar begin, en als psychische tendens weerspiegelt hij ook de behoefte om van alles te gaan doen. De Keizer daarentegen heeft vooral behoefte om die actie zo duidelijk mogelijk te maken, dat wil zeggen alle irrationele of chaotische kanten er af te halen tot er een werkbaar, efficiënt en geordend geheel overblijft. Ook hier hebben de beide kanten van het Yang-principe voor- en nadelen. Actie kan belangrijk zijn, maar moet niet doorslaan. Hetzelfde geldt voor het instellen van regels: goed om te functioneren, maar de creativiteit moet er niet door worden lamgelegd.

De Hogepriesteres drukt als Yin-kaart de opperste passiviteit uit, en tegelijker tijd het rusten in een volkomen, doch onbewust weten - sereen, verstild en mystiek. De andere Yin-kaart, de Keizerin, is juist de levenslustig-creatieve kant van de vrouwelijke pool. Zij is de natuur en de drang om vol overgave in het leven te staan, in het hier en nu, zonder zich te bekommeren om de vraag of iets nu wel of niet naar logica luistert. Zij luistert naar een innerlijke logica die van een heel andere orde is.

We zien nu twee gezichten van zowel Yang als Yin: elk heeft een naar binnen gekeerde kant: de Magiër en de Hogepriesteres, en een naar buiten gerichte kant: de Keizer en de Keizerin.

Yin en Yang vullen elkaar aan, maar staan qua geaardheid in menig opzicht tegenover elkaar, waardoor spanningsvelden kunnen ontstaan. Die eeuwige werking over en weer, het proces van spanning tussen Yin en Yang opbouwen en ontladen, vraagt om een mechanisme ter overbrugging, een psychische inhoud die kan helpen deze spanning in een aanvaardbaar perspectief te zetten.

Dat perspectief wordt gegeven door onze religieuze functie, tot uitdrukking gebracht in de Hogepriester. Deze aangeboren religieuze drijfveer, die overigens niet zonder meer vereenzelvigd mag worden met regelmatige kerkgang of met de vraag of je tot een bepaalde godsdienst behoort, doet ons zoeken naar een extra dimensie in het leven, de dimensie van de vraag naar de zin der dingen. Die zin vinden sommigen door binnen een geloofsgemeenschap de geloofsdoctrines met anderen te delen, maar evenzeer door verinnerlijking en door een diep besef van verbondenheid met het leven of door eigen mystieke ervaringen.

We kunnen de basisdrijfveren als volgt samenvatten:

  • de Dwaas is de (levens)drang die als doel heeft ons groeiproces gaande te houden.
  • de Magiër en de Keizer zijn twee gezichten van Yang, en de Hogepriesteres en de Keizerin twee gezichten van Yin, waarbij Yang-Yin de levenspolariteit mannelijk-vrouwelijk en dag-nacht uitdrukt.
  • de Hogepriester is de aangeboren religieuze drijfveer om op een hoger plan de levenspolariteit te overbruggen en een dimensie toe te voegen.

Met deze drijfveren treden we de wereld binnen en komen we bij de reeks kaarten 6 tot en met 12.

De ontwikkeling van het ego: de kaarten 6 - 12

We leren de basisdrijfveren kennen én er vorm aan geven in ons contact met het leven en de wereld om ons heen. We zullen ons moeten durven verbinden met mensen, dieren en dingen buiten ons, en staan in ons naar buiten treden onherroepelijk voor keuzen. Dat is de fase van de Geliefden, een kaart die in beginsel niet op liefde betrekking hoeft te hebben. Hij geeft veeleer de moed aan om betrokkenheid op het leven en op anderen te ervaren en van daaruit te durven kiezen. Yang en Yin worden daarbij geprojecteerd op relaties in de buiten wereld. Zulke projecties zijn met name in partnerschappen heel manifest.

Door de emoties en ervaringen in contact met anderen kun je ook je eigen onbewuste drijfveren leren kennen. Op die manier leer je ook beter zicht krijgen op jezelf en kun je bewust betere keuzen maken en jezelf beter leren sturen: de fase van de Zegewagen.

De Zegewagen zegt niets over zegevieren in de strijd. We zien een wagenmenner die twee tegengestelde sfinxen als 'paarden' heeft: het bewustzijn moet krachtig en beheerst met tegenstrevende onbewuste processen en krachten omgaan om zijn kar vooruit te krijgen en maatschappelijk verder te kunnen. In dat proces maken we keuzen: bepaalde behoeften en innerlijke processen kunnen ons functioneren in onze omgeving danig dwarszitten en dat betekent dat we die het liefst tot zwijgen brengen. Buitenwereld en binnenwereld raken dus makkelijk met elkaar in conflict. Het lastige is dat wat we van onszelf liever niet zien, en dus makkelijk verdringen nu juist niet kwijtraken. Die inhouden gaan in ons onbewuste een eigen leven leiden en komen onwillekeurig in ons handelen, in onze dromen en angsten weer naar boven. Het is van het allergrootste belang zicht te blijven houden op die inhouden die we liever geen rol laten spelen.

Luisteren dus naar wat onze onbewuste wereld te zeggen heeft, luisteren ook naar onze instincten. Maar dan wel met ons bewustzijn beslissen wat we met die boodschappen doen: Kracht. Deze toont ons een vrouw (symbolisch voor ontvankelijkheid) die de bek van de Leeuw (onbewuste krachten) kan openen en sluiten: luisteren als het kan en even laten zwijgen wanneer het moet. In die open wisselwerking tussen bewustzijn en onbewuste zullen we ons leven langzamerhand in een ander licht gaan zien, in een breder perspectief gaan ervaren. Er is méér dan alleen ons gewone bestaan. We gaan op zoek: de Kluizenaar.

Wat is de zin van de dingen? Waarom gebeuren die dingen mij? Wie ben ik?

In de fase van de Kluizenaar stellen we ons vragen die geen vastomlijnd en van te voren bepaald antwoord hebben. We hebben vrijheid, ruimte en onafhankelijkheid nodig om onze eigen antwoorden te kunnen vinden en om inzichten te krijgen die ons naar onze eigen waarheid kunnen leiden, ongeacht de vraag of deze van spirituele, levensbeschouwelijke of maatschappelijke aard is. Het zijn lastige vragen, vooral die naar de zin der dingen. Want het leven van alledag kent zoveel samenlopen van omstandigheden, dingen die zo toevallig op ons pad lijken te komen, of het lot dat zo onverwacht toeslaat. Het is een pijnlijk psychisch proces dat ons leidt tot het inzicht dat er een samenhang is tussen je eigen gedachten en dat wat je meemaakt. Let wel; die samenhang is er, maar op een niveau waarop je iemand niet zonder meer van 'schuld aan die situatie' kunt betichten. Vaak vervallen we steeds weer in dezelfde patronen en herhalen gebeurtenissen zich, zij het met kleine variaties.

Het is de fase van het Rad van Fortuin dat ons met de neus op die feiten drukt. Kijk eens naar wat je werkelijk doet, kijk eens naar de onbedoelde bij werkingen van je handelen. Kom je wel zo over als je meent? En heb je in de gaten dat je juist in situaties terecht komt die je zo angstvallig probeert te vermijden? In het Rad van Fortuin kunnen we leren verantwoordelijkheid te voelen voor onszelf en ons leven, niet te leunen op anderen en ook anderen niet te verwijten. Als we hier blijven steken, zitten we vast aan die steeds weer terugkerende patronen. Een open en eerlijke afweging van onze eigen handelingen en gedragingen in de buitenwereld, onze bedoelingen en onze relaties met anderen, is een logisch gevolg van het nemen van verantwoording voor ons leven.

En dat brengt ons bij de Gerechtigheid. Juist door inzicht in zich herhalende patronen in ons leven, door wat we ontdekken in de fase van het Rad van For tuin, en door de eerlijke analyse daarvan bij de Gerechtigheid, zien we hier ook de drang om op grond van die zelfanalyse beter in balans te komen. We zien een duidelijker samenhang tussen innerlijk en uiterlijk leven, tussen ego en bewustzijn enerzijds, en de hulp en tegenstrevingen van het onbewuste anderzijds. We krijgen zicht op onze beperkingen en remmingen (ook die uit het verleden doorwerken) en we kunnen geleidelijk overtollige ballast overboord zetten. Niet door verdringing, maar door verwerking. Het stemt tot grotere bescheidenheid: de fase van de Gehangene.

Verwerken betekent vaak vooral uithuilen van oud verdriet en durven stil staan bij je innerlijke pijn. Je terugtrekken in jezelf en doorleven wat verdrongen was, met inzicht en begrip en zonder zelfmedelijden (dat natuurlijk best wel eens de kop op steekt) behoren bij de fase van de Gehangene.

Allerlei uiterlijk vertoon van het leven is even niet belangrijk: innerlijke processen staan op de voorgrond. Het is als de verpopte rups: de vlinder moet nog komen, maar het proces onder de oppervlakte is gaande, onzichtbaar en weg van de wereld. Zoals ook Odin ondersteboven aan een boom hing, evenals andere mythologische figuren, zo is ook dit beeld van de Gehangene verbonden met het proces om tot een bepaalde vorm van wijsheid te komen.

Niet de wijsheid uit boeken, maar een verbinding met 'iets' van binnen, dat zich moeilijk omschrijven laat, maar dat daarom niet minder krachtig ervaren wordt en als positief 'weten' en 'voelen' in je verdere leven een onvervreemdbare ondergrond kan vormen. Schoon schip maken en een grote mate van terughoudendheid horen bij deze fase, die ons ook tot het inzicht kan brengen dat we bepaald gedrag moeten afleggen, of dat een bepaalde manier van leven niet (langer) bij ons hoort.

Daarmee zijn we beland in de volgende groep kaarten.

De integratie van bewustzijn en onbewuste: de kaarten 13 - 21

Waar zit je allemaal aan vast? Waar ben je bang voor? Wat zijn je stereotype reacties om je onzekerheid te verbergen? Hoe krampachtig ben je? In de fase van de Dood worden we hiermee geconfronteerd en zullen we meestal wel met gevoelens en ervaringen van remming en pijn, en soms door een crisis, de confrontatie met onszelf aan moeten gaan om oude maskers en patronen af te leggen. En het gekke is - als dat eenmaal achter de rug is, voel je opeens een rust, een serene rust. Je hóeft opeens niet zo nodig meer actie te ondernemen, je kunt meer afstand nemen van emoties en gebeurtenissen: de fase van de Matigheid.

De Matigheid geeft een zeker evenwicht aan. Niet het volkomen evenwicht, maar een nieuw gevoel van rust na verwerken, waardoor je jezelf en de wereld wat makkelijker kunt relativeren. Je zult in deze fase ook merken dat je in staat bent warmer, eerlijker en liefdevoller naar anderen te reageren. Maar het is een nieuw verworven houding die nog makkelijk tot vluchtweg kan worden: we zien een engel en geen mens op het plaatje, en dat is een waarschuwing dat we ons makkelijk laten grijpen door een 'hoger gevoel', dat ons de illusie geeft dat we 'er al zijn'. Blijf je hangen in dit gevoel, dan zullen verdrongen inhouden en dingen waarvan je meende dat je die al wel verwerkt had, geleidelijk aan weer de kop opsteken en je brengen in de situatie van de Duivel.

Ben je wel zo netjes als je je voordoet? En als je een bepaalde filosofie aanhangt: in hoeverre is je gedrag en je leven in overeenstemming met wat je zegt? In hoeverre is je behulpzaamheid een greep naar macht? In hoeverre zijn er egoïstische motieven binnengeslopen in je edele gedrag? Pijnlijke vragen die je vaak op overtuigende wijze terzijde weet te schuiven. Maar juist die overtuigende redeneringen, waarbij het in jouw ogen vooral ánderen zijn die zo zijn, is kenmerkend voor de fase van de Duivel! Hij bereidt de weg voor de confrontatie met onze Schaduw, met onze minder leuke kanten dus.

Gaan we die confrontatie eerlijk aan, dan kunnen we opeens heel erg veranderen. Maar gaan we die confrontatie uit de weg, dan zullen we voor ons gevoel opeens en vanuit het niets een schok of verandering te verwerken krijgen, volslagen onverwacht en onvoorbereid: de Toren. Het proces dat de Toren aan geeft behelst razendsnelle vernieuwing na een flink stuk afbraak, al dan niet bewust in gang gezet. Als na een donderslag bij heldere hemel ziet het leven er opeens heel anders uit. Snelle veranderingen, niet zelden beladen met stress (bijvoorbeeld bij ziekte of ontslag) zijn kenmerkend voor de Toren. Alsof het leven je een schop vooruit wil geven om nu eindelijk de koers te gaan varen die bij je innerlijk en bij je wezen hoort, in plaats van alleen maar een stukje te leven dat jou veiligheid biedt, of je vast te blijven klampen aan bepaalde ideeën en theorieën. de Toren is de fase waarin je als het ware teruggeschoten wordt naar het leven. Het verschuilen is afgelopen. Je kunt je misschien nog verschuilen achter beklag over alles wat niet deugt, achter tegenslag en dergelijke.

Maar accepteer je de vernieuwing, dan zal ook na deze fase een zekere rust aanbreken. Je hebt een grote confrontatie met je onbewuste achter de rug en hebt een beter onderscheid leren maken tussen jezelf en de buitenwereld. Dat betekent ook dat je beseft dat je zowel individu als mens bent. Dat je uniek bent en menselijke trekken met anderen deelt. En dat je verantwoordelijk bent voor je eigen daden, maar niet voor het leed van de wereld. Rust en verinnerlijking zijn het gevolg: de Ster. Vanuit een inniger vrede met jezelf en de wereld, en een zekere aanvaarding dat de dingen anders kunnen lopen dan je in je hoofd had, komt er een soort rust tot stand die je ook minder beïnvloedbaar maakt. Het raakt je niet meer zo wat 'men' vindt en zegt; de kretologie van bijvoorbeeld reclame en slogans heeft minder vat op je. Het is het begin van een verinnerlijking die je tot de diepere lagen van jezelf brengt. Nu maniertjes en maskers grotendeels zijn afgelegd en je wat overblijft behoorlijk overziet, ben je ook in staat om dieper in jezelf te duiken en te durven zien dat er nog heel wat verborgens en verdrongens ligt dat ongemerkt en onbewust je dagelijks leven lardeert. Zo bereidt de Ster de fase van de Maan voor.

Onbegrepen, gekke, niet zelden beangstigende diepliggende inhouden komen nu tot ons in dromen, symbolen, gevoelens, emoties en projecties. Hoe vaak zie je niet dat er, als je al heel wat hebt uitgewerkt, opeens toch nog een paar heftige zaken en emoties op je pad komen? Oude problemen doen zich opnieuw voor, maar nu op een dieper niveau en met een ander gezicht. Het is een gek soort 'examen doen': de confrontatie ermee geeft je het gevoel juist niets te kunnen doen.

Maar wat belangrijk is in de fase van de Maan is dat je de beelden, angsten en gevoelens laat spreken. Geef die inhouden een plek in jezelf en accepteer ze als deel van je persoonlijkheid. Ze behoren tot de wereld die je kan helpen en waarschuwen, zoals ook dieren in sprookjes een waarschuwende rol spelen. Accepteer ook dat je geen greep hebt op deze irrationele en grillige inhouden die diep in jou en in iedere andere mens leven. Durf ermee om te gaan. Pas dán kom je in de richting van echt heel worden, en bereik je de fase van de Zon.

De Zon zegt: "Leer houden van jezelf, echt, dat is niet egoïstisch. Omarm het leven, dan zal het jou omarmen. Treed het vol vreugde, open en blij tegemoet! En blijf jezelf." Die vreugde zegt niet dat je geen verantwoordelijkheidsgevoel hebt. En al evenmin dat je geen individualiteit hebt, of dat je nog maar een kind bent. Ontdek juist het kind in je en durf te spelen.

Dat is voor velen van ons nog een hele opgave, maar een zeer noodzakelijke stap om écht verder te kunnen. Pas als je van jezelf houdt en jezelf kunt accepteren zoals je bent, kun je ook van anderen houden en hen in hun waarde laten. Dat schept een opening voor een diep gevoel van liefde voor je medemensen en het leven: de fase van het Oordeel.

Hoewel er meer fasen zijn waarin je een gevoel van en voor een hogere orde kunt krijgen, waarin je een zekere innerlijke rust kunt ervaren, is de kaart van het Oordeel in zekere zin grootser. Wat je hier ervaart is een niet meer in gewone taal te vangen zin van het leven en van jóuw leven. Je ervaart, weet en voelt innerlijke samenhangen en de relatie tussen jezelf en de wereld. Het brengt een eigen gevoel van spiritualiteit en vanuit een dieper innerlijk weten ben je veel beter in staat een leven te leiden dat wérkelijk bij je hoort.

In deze fase ontdek je ook dat je onbewust al naar een bepaalde levensinvulling bent toegegroeid, en dat je onbewust al stappen in de richting van verwerkelijking hebt gezet. Nu ben je in staat die draad bewust op te pakken. Dat gaat veelal gepaard met een diep gevoel van vervulling. Dit proces vloeit uiteindelijk over in wat de laatste kaart van de Grote Arcana aangeeft: de Wereld.

Omdat je het leven en jezelf in een groter verband bent gaan ervaren, weet je dat het leven zowel dag- als nachtkanten heeft waarin vreugde en verdriet beide een natuurlijke plaats hebben. In de fase van de Wereld durf je het leven te nemen zoals het komt, en vanuit je tenen te leven: JA te zeggen tegen de dingen die op je pad komen en je aanspreken, maar evenzeer in de pijn en de emoties durven te duiken die bij het leven horen. Met de Wereld ben je méns in alle facetten, zónder jezelf te verliezen in pijn of vreugde. Je kunt ze accepteren, maar laat je niet meer van de wijs brengen door de vervelende ervaringen in het leven, noch laat je je het hoofd op hol brengen door successen die je boekt. Je danst door het leven, stroomt mee met wat komt, en wéét dat het goed is. Ook al zouden we sommige dingen anders willen, je weet eenvoudig dat je totale wezen soms iets anders met je voor heeft dan je bewuste wil zou willen doordrammen.

Luisteren naar het geheel en meedansen met de - al dan niet onverwachte - veranderingen is de kracht van de Wereld. Je danst vanzelf naar je bestemming. Onnodig te zeggen dat je je hierbij in voor- en tegenspoed gelukkig blijft voelen en een diepe liefde voelt voor het leven en al wat leeft. Je bent één met de Wereld.

Deze Weg van de Held leggen we allemaal af. Ook blijven we allemaal wel ergens tijdelijk steken, waardoor ons leven stokt. Dat zijn de momenten waarop de Dwaas kan inspringen om ons weer een zet vooruit te geven. Dat kan van binnenuit komen, maar eveneens door een voor ons onvoorziene 'samenloop van omstandigheden'.

Elke innerlijke situatie hangt samen met uiterlijke omstandigheden en gebeurtenissen, overigens zónder deze noodzakelijkerwijs te hoeven veroorzaken. Er is meer sprake van een soort spiegelwerking. De kaarten van de Tarot houden ons ook zo'n spiegel voor in ons altijd bewegende en veranderende leven. En trekken we de kaart van de Wereld, ook dan zijn we er nog niet. Elke kaart van de Grote Arcana stelt een oerpatroon voor, een stukje van de weg die we als mens moeten gaan om onszelf te vinden. De kaarten vertellen ons niet hoe ver ons bewustzijn is ontwikkeld. Heb je een bepaalde cyclus afgerond, dan begin je weer van voren af aan, zodat je met je nieuwe verworvenheden opnieuw iets kunt doen. Ook nieuwe ervaringen opdoen.

Telkens sta je in het leven voor nieuwe opgaven. Had je bijvoorbeeld in de fase van de Wereld echt een stuk rust bereikt en voelde je de liefde voor het leven door je heen stromen, dan kan na verloop van tijd bijvoorbeeld de Keizerin in je gaan opborrelen: de drang om je innerlijke creativiteit op een nieuwe manier uit te drukken. En dat schept weer nieuwe problemen.

De Tarotcycli zullen nooit ophouden en voor iedereen levenslang een spiegelfunctie te vervullen.

disclaimer en privacy Contact website bijgewerkt: 5 november 2019